13 december 2022

Dankzij het EU cohesiebeleid zal België tussen 2021 en 2027 bijna 3 miljard euro aan financiering ontvangen. Het doel is om de groene en digitale transitie te versnellen en de ontwikkeling van een competitieve, innovatieve en inclusieve economie te ondersteunen.   

Een overeenkomst tussen België en de Europese Commissie 

In België valt het beheer van de operationele programma’s onder de bevoegdheid van de gefedereerde entiteiten. November 2022 heeft de Europese Commissie officieel de partnerschapsovereenkomst met België goedgekeurd waarin de strategie voor het optimale gebruik van de beschikbare middelen is vastgelegd. Dit akkoord maakte de weg vrij voor investeringen van in totaal 3 miljard euro in het kader van het cohesiebeleid voor de periode 2021-2027.  

Vijf thematische structuurfondsen  

Met het cohesiebeleid wil Europa de welvaartsverschillen tussen regio’s en lidstaten verkleinen en de ontwikkeling van de hele EU op lange termijn stimuleren via investeringen uit de structuurfondsen.  

De structuurfondsen zijn onderverdeeld in 5 thematische assen die werken volgens een logica van medefinanciering van projecten.  

  • Prioriteit 1: Een slimmer en competitiever België: steun voor O&I, steun aan ondernemingen en de digitale transitie, heruitrusting van sites en economische activiteitszones, investeringssteun, … 
  • Prioriteit 2: Een groener België: energierenovatie van openbare gebouwen, duurzaam gebruik van hulpbronnen, steun voor de koolstofarme overgang van bedrijven, … 
  • Prioriteit 3: Een meer verbonden België door de verbetering van de mobiliteit van de mensen: duurzame lokale en regionale mobiliteit. 
  • Prioriteit 4: Een socialer België: moderne infrastructuur en uitrusting voor beroepsopleiding en hoger universitair onderwijs. 
  • Prioriteit 5: Een België dat dichter bij de burger staat: stedelijke ontwikkeling. 

De gefedereerde entiteiten (Gemeenschappen en Gewesten) stellen een partnerschapsakkoord op dat een gemeenschappelijk strategisch kader vormt, gebaseerd op elkaars bijdragen en rekening houdend met hun eigen prioriteiten en specifieke kenmerken. 

De meerderheid van de financieringsmiddelen (meer dan 80%) gaat naar de minder welvarende regio’s en lidstaten van de EU. Op Europees niveau zijn categorieën van regio’s gedefinieerd om in te spelen op uitdagingen inzake slimme stede, klimaat en energie, en de transitie naar een circulaire economie:  

  • De Waalse provincies vallen bijvoorbeeld in verschillende categorieën: Henegouwen, Namen en Luik bevinden zich in de “overgangszone”, Waals-Brabant in de “meer ontwikkelde” zone en Luxemburg in de “minder ontwikkelde” zone. 
  • Ook de erkenning van de Vlaamse provincies, zoals Limburg als transitieregio, heeft tot gevolg dat er een apart budget voorzien wordt binnen het Vlaamse programma. Hier wordt een geïntegreerde investeringsstrategie voor voorzien, maar ook voor de provincie West-Vlaanderen, de regio Kempen, en de grootsteden Gent en Antwerpen.  

Projectfinanciering toegewezen per overheid 

In België behoren meerdere sociaaleconomische aangelegenheden tot de exclusieve bevoegdheid van de deelstaten, los van de Federale Overheid: 

  1. De Vlaamse Overheid  
  1. De Waalse Overheid  
  1. De Brussels Hoofdstedelijke Overheid 

Het zijn deze overheden die ervoor zorgen dat het Europees geld voor de individuele programma’s correct worden toegewezen. Verschillende agentschappen zijn verantwoordelijk voor de middelen in het kader van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO), inclusief de Interreg-programma’s gericht op grensoverschrijdende, transnationale en  interregionale samenwerking. De middelen worden gebruikt voor de financiering van projecten – vooral van publieke actoren – die het regionaal concurrentievermogen en de werkgelegenheid in België en de regio’s te stimuleren. 

Onderstaande agentschappen staan in voor de uitvoering en het goede beheer van de Europese programma’s inzake het economisch, sociaal en territoriaal cohesiebeleid: 

  1. Het Agentschap Innoveren en Ondernemen en het ESF-Agentschap 
  1. En Mieux en Wallonie.be 
  1. Service Public Régional de Bruxelles  

Op federaal en regionaal niveau zullen de te financieren overheidsprojecten worden geselecteerd via een oproep tot het indienen van projecten. De steun aan ondernemingen zal mettertijd worden verleend. 

Een gedetailleerde kijk op de Belgische investeringsstrategie 

De investeringsstrategie is gebaseerd op een partnerovereenkomst tussen België en de Europese Commissie. Hier worden diverse thema’s aangekaart waarin het cohesiebeleid investeert: 

1.- Economisch concurrentievermogen, verdere digitalisering en groene investeringen 

In het kader van EFRO wordt bijna 500 miljoen euro uitgetrokken voor investeringen in onderzoek, innovatie en digitalisering. Dit bedrag omvat steun voor de overdracht van geavanceerde technologieën om het concurrentievermogen van het midden- en kleinbedrijf te vergroten, en investeringen in de digitalisering van overheidsdiensten. 

Bovendien zal bijna 400 miljoen euro worden geïnvesteerd in de vermindering van broeikasgasemissies, energie-efficiëntie en hernieuwbare energie. Dit omvat investeringen in duurzame stadsontwikkeling, met name in duurzame mobiliteit en in energierenovatie van openbare gebouwen. 

Samen met het EFRO zal 183 miljoen euro uit het Fonds voor een rechtvaardige overgang worden geïnvesteerd in de ontwikkeling van een koolstofarme, circulaire en energie-efficiënte economie, waarbij in het algemeen wordt gezorgd voor economische diversificatie en een eerlijke klimaattransitie in het land. 

2.- Investeringen in werkgelegenheid, vaardigheden en sociale inclusie 

In het kader van het Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+) zal in totaal meer dan 1,3 miljard euro worden geïnvesteerd in sociale cohesie en werkgelegenheid. 

Bijna 500 miljoen euro zal gaan naar bij- en omscholingsmaatregelen voor werklozen en werknemers om hen te helpen nieuwe vaardigheden te verwerven om kwaliteitsbanen te vinden. De financiering zal ook hervormingen van het werkgelegenheids-, onderwijs- en opleidingsbeleid ondersteunen, wat zal bijdragen tot een betere sociale inclusie en de mismatch tussen vaardigheden en tekorten op de arbeidsmarkt zal aanpakken. 

Bovendien wordt ongeveer 300 miljoen euro uitgetrokken voor werkgelegenheidssteun, waarvan een groot deel gericht is op jongeren.  

Ongeveer 400 miljoen euro zal worden geïnvesteerd in actieve sociale inclusie voor kwetsbare groepen. Het fonds zal ook kinderarmoede bestrijden door gemeenschapsgerichte zorgdiensten te ondersteunen. 

Ten slotte is 50 miljoen euro extra beschikbaar voor voedsel en materiële hulp voor de meest behoeftigen, voornamelijk via voedselbanken. 

3.- Duurzame visserij, aquacultuur en verwerking 

40,3 miljoen euro uit het Europees Fonds voor Maritieme Zaken, Visserij en Aquacultuur zal de sector ondersteunen via investeringen die leiden tot een duurzamere visserij. 

Deze investeringen zullen vooral gericht zijn op de naleving van de aanlandingsverplichting en het vermijden van teruggooi op zee, alsook op de verbetering van de veiligheid, de gezondheid, de hygiëne en de arbeidsomstandigheden op vissersvaartuigen. 

De prioriteit zal ook liggen bij innovatie, het duurzame en toekomstgerichte beheer van de visbestanden, met name door ondersteuning van de visserijcontrole en de verzameling van wetenschappelijke gegevens. 

Het Fonds zal ook steun verlenen voor energie-efficiëntie en het koolstofvrij maken van de visserij, de aquacultuur en de verwerking. Wat de aquacultuur betreft, zal de diversificatie van de gekweekte aquacultuursoorten worden bevorderd, wat ook gevolgen zou moeten hebben voor de opzet van de visverwerking. 

Op het gebied van duurzame blauwe economie ten slotte zal België zich via een lokale actiegroep richten op de ontwikkeling van zijn kustgebied in het kader van het cohesiebeleid.

FI Group heeft 20 jaar ervaring en wil u ondersteunen bij het begrijpen en onderscheppen van de beschikbare O&O+I mogelijkheden. Onze experts staan tot uw beschikking om u te analyseren.  

Yvette Poumpalova 

× How can I help you?